Code: GS EvG 001/1.1 MC/AL/MW
Publicatie & revisiedatum: 03-11-‘25 / 11-11-‘25
Download PDF: NVVK Factsheet 001 Gasexplosies v1.1.pdf
Een explosie is een snel verlopende chemische reactie waarbij in korte tijd veel energie wordt omgezet. Brandbare gassen (zoals methaan, propaan, waterstof, ammoniak, benzinedamp) kunnen na menging en ontsteking explosief reageren met de zuurstof uit de omgevingslucht. De drie noodzakelijke factoren (brandbaar gas, menging met zuurstof en de ontstekingsbron) bieden aanknopingspunten om onbedoelde ontploffing te voorkomen: gas niet laten vrijkomen; contact met zuurstof voorkomen en zorgen dat er geen ontstekingsbron is. Explosiegevaar kan onder andere optreden in de (petro)chemie, de veehouderij, verfspuiterijen, weg- en waterbouw, de afvalverwerking, gasbedrijven, enz.
Als een brandbaar gas vrij uitstroomt in de omgeving (lek/emissie/spill of vrijkomt bij een proces), kan de concentratie in de omringende lucht oplopen tot boven de zgn. Lower Explosion Limit (LEL). Die kritische concentratie (enkele tot tientallen procenten) verschilt per soort gas of damp. Een heet oppervlak of een vonk kan dan het gasluchtmengsel ontsteken, met een explosie als gevolg. Voorzorg: voorkom emissie, fakkel af, bewaak verbrandingsprocessen, ventileer, voorkom ontsteking en/of zorg dat een ontploffing mensen of omgeving niet kan schaden. Bewaking van de atmosfeer (vooral in besloten ruimten waar gas blijft hangen): bij EX-gasmetingen wordt bijvoorbeeld ontruimd als de concentratie 10% van de LEL bereikt. Een lagere concentratie wordt dan (bij afspraak) als ‘explosieveilig’ beschouwd.
De drukgolf van een explosie (expansie) kan grote schade en letsel veroorzaken. Gasexplosies kunnen gebouwen en installaties verwoesten en gevolgd worden door brand. Waar brandbare gassen of dampen aanwezig kunnen zijn moeten risico's worden beoordeeld en maatregelen getroffen om ontsteking te voorkomen. Schade door drukopbouw kan worden verminderd door plofluiken/bouwkundige verzwakkingen.
Als een gas tot explosiegevaar kan leiden moet op grond van artikel 3.5 van het Arbobesluit een Explosieveiligheidsdocument (EVD) worden opgesteld. Dit EVD beschrijft de verdiepende risico-inventarisatie, de gevarenzonering, organisatorische en technische beheersmaatregelen en de te geven voorlichting. Werknemers zijn opgeleid en geïnstrueerd, gassen in cilinders worden veilig (brandbaar gescheiden van zuurstof) opgeslagen, bij voorkeur buiten onder een afdak of in geventileerde omgevingen. In omsloten ruimten en in explosiegevaarlijke gebieden zijn voldoende technische en organisatorische maatregelen genomen:
- Explosieveilige apparatuur (ATEX-gecertificeerd): motoren, verlichting, sensoren, enz;
- Aarding, potentiaalvereffening en antistatische kleding en materialen (ter voorkoming van elektrische ontladingsvonken);
- Ventilatiesystemen en gasdetectie (vast, persoonlijk en/of tijdelijk bij werkzaamheden).
Niet elk gas is explosiegevoelig. Stikstof en het edelgas argon zijn voorbeelden van inerte gassen, wat wil zeggen dat ze moeilijk of helemaal niet met andere stoffen reageren. Zeer brandbare gassen zoals acetyleen en waterstof vertegenwoordigen een groot ontploffingsgevaar zodra ze mengen met lucht of zuurstof. Alle gassen (ook die zwaarder dan lucht) mengen op den duur vanzelf tot een homogeen mengsel. Gassen kunnen ontstaan als reactieproduct of vanuit verdampende vloeistoffen. ATEX 153 geeft aan hoe de ernst van een explosiegevaar wordt bepaald en welke maatregelen minimaal gelden. Explosiegevaarlijke gebieden worden gezoneerd (en gemarkeerd) volgens ATEX 153. Hoe frequenter en langduriger explosieve mengsels aanwezig zijn, hoe groter het risico en hoe strenger de regels ter plekke. Zone 0 is het gevaarlijkst en bevindt zich in de regel het dichtst bij een bron.
Relatieve tijdsduur | Percentage van de tijd | ATEX-zone | Bij STOFexlosie: | Risico: |
Continu, langdurig of herhaaldelijk | Meer dan 10% | Zone 0 | Zone 20 | hoog |
Af en toe | 0,1 tot 10% | Zone 1 | Zone 21 | middel |
Bijna nooit of kortdurend | Minder dan 0,1% | Zone 2 | Zone 22 | laag |
Beheersmaat-regelen en preventie | Bronaanpak: gasopslag in cilinders niet nabij mensen of werkzaamheden maar buiten/goed geventileerd en brandbaar gescheiden van oxiderend/zuurstof. Risico-analyses, gevarenzone-indeling, procedures (vrijstelling ruimten, LOTOTO, inblokken, afblinden, werkvergunningen), werkwijzen, toezicht, opleiding en explosieveiligheidsdocument (EVD) conform ATEX 153 ('werkgeverseisen'). Gebruik explosieveilige verlichting, apparaten en vonkvrije gereedschappen conform ATEX 114 (producteisen). Voorkomen opbouw van statische lading, ESD-regels. Stationaire gasdetectie (ook lijndetectie), vrijgavemetingen, verplaatsbare systemen bij werkzaamheden en persoonlijke gasdetectie, geschikt voor het risicogas & situatie. Branddetectie en IR-warmtebeeldcamera's. Monitoring windrichting t.b.v. ontruiming. Goed toegeruste, parate, geïnformeerde en opgeleide BHV. | ||||
PBM | Preventief, ter voorkoming van ontsteking: antistatische kleding en schoeisel, eventueel (persoonlijke) aarding op een werkplek. PBM ter beperking explosieletsel (beperkt effectief): oorkappen, oogbescherming, gelaatsscherm, helm. | ||||
Gevaarsymbolen en pictogrammen |
| ||||
Wet- en regelgeving: |
| ||||
Openbare bronnen | Arboportaal over explosieveiligheid (ook over nevel- en stofexplosies) Arbokennisnet kennisdossier explosieveiligheid ATEX EU-guide (Gids voor toepassing ATEX-richtlijn, Eng.) (Idem NL, ouder) NL Arbeidsinspectie explosieve atmosfeer en ATEX-114-toezicht. Informatiepunt leefomgeving (Externe veiligheid, PGS 15 opslagvoorzieningen) NEN uitleg Ex-LOPA, over explosierisicocalculatie (Eng.) | ||||
Arbocatalogi | Arbocatalogus industriële reiniging (vacuümreinigen; technisch/organisatorisch) Arbocatalogus afvalbranche (explosiegevaar in kraakperswagens, riolen, composteerruimten) Onderwerp zoeken in arbocatalogi via Arboportaal Check altijd de eigen arbocatalogus en (branche)RI&E | ||||
Informatie stoffen en producten | Chemiekaarten, VIB's en MSDS verschaffen informatie over explosiegrenzen (LEL / UEL), ontstekingsenergieën, dichtheid en andere explosierelevante data van gassen/dampen. | ||||
NVVK groepen: | Vakgroep ATEX, Vakgroep Transportveiligheid en vakgroep Loss Prevention and Control | ||||
Interne bronnen NVVK: | Factsheets 002 Opslaan van propaan, EX-gasdetectie (volgt), - Stofexplosies (volgt), - Explosies (volgt). |
Waarschuwingsbord: plaats waar een explosieve atmosfeer kan voorkomen
Ex-logo, CE-productmarkering conform ATEX-114; item met dit merk is in zone 1 en -2 toegelaten
Label op antistatische kleding conform EN1149
Gebodsbord antistatische veiligheidsschoenen