Robots spelen een steeds grotere rol in de zorg, maar het zijn nog geen volwaardige vervangers voor menselijke zorgprofessionals. Dat stellen onderzoekers na een recente pilot en analyse van het gebruik van zorgrobots in het Maastricht UMC+.
Volgens specialisten van het Maastricht UMC+ verschuift de aandacht van futuristische verwachtingen naar praktische toepassingen. In ziekenhuizen en andere zorgomgevingen worden robots inmiddels ingezet voor uiteenlopende taken, zoals het begeleiden van patiënten, het verstrekken van informatie, het uitvoeren van administratieve werkzaamheden en het vervoeren van materialen en medicatie. Bij operaties zet het Maastricht UMC+ al de Da Vinci-operatierobot in, maar die wordt rechtstreeks aangestuurd door een chirurg en is dus niet autonoom.
Het doel van de pilot is dan ook niet of robots het werk van mensen kunnen overnemen, maar in welke ze de werkdruk kunnen verlichten. De sector kampt met personeelstekorten en een voortdurend stijgende zorgvraag. Door repetitieve en logistieke taken door robots te laten uitvoeren, ontstaat meer ruimte voor zorgprofessionals om zich te richten op persoonlijke aandacht, complexe zorg en klinische besluitvorming.
Bij het aanbieden van zorg is het namelijk essentieel dat het menselijke aspect niet wordt vergeten. Empathie, vertrouwen en het delen van emoties horen daarbij en dat blijft mensenwerk. “Robots zijn voor ons geen doel op zich. Maar ze kunnen wel helpen om de kloof tussen zorgvraag en zorgaanbod te overbruggen. Door repeterende en arbeidsintensieve taken over te nemen, creëren we ruimte voor hoogwaardige zorg en menselijk contact”, aldus Esther Lacko, innovator bij het Zorginnovatielab van het Maastricht UMC+.
De verwachting is dat robots steeds zichtbaarder worden in ziekenhuizen en steeds meer taken op zich kunnen nemen. Voor goede zorg is het voorlopig essentieel dat deze rol een aanvulling, en geen vervanging, voor menselijke zorgprofessionals is.
Bron: ICT&Health